Over 'Onklare taal'

'Onklare taal' is de verzamelnaam van diverse tekstprojecten van mijn hand. Dit is de poëzieafdeling daarvan. Hier kan je zowel de laatste nieuwe gedichten als ook een selectie van oudere gedichten vinden. Overigens kan je mijn poëziebundels downloaden in PDF-formaat als je Patron wordt: 'Epicentrum' (2012), 'Synaeresis' (2012), 'Subductie' (2013), 'Enceladus' (2015), 'Volterra' (2017), 'De snelheid van de duisternis' (2019), 'Indiscrete wiskunde' (2021) en 'Chicxulub' (2024). Behalve 'Synaeresis', dat één verhalend gedicht is in twee delen, bevatten de anderen telkens een 30-tal geredigeerde en zorgvuldig geselecteerde gedichten, met duiding en een nieuwe indeling. De weg een beetje kwijt? Mijn eigenlijke website, die ook 'Onklare taal' heet, verwelkomt je.

maandag 14 juli 2008

R

in deze goed verborgen burcht schuilt nog een schat
aan zachtheid, en tederheid, alles wat een man zich wensen kan
tussen de bloedgeboren doornen

"laat je haar naar beneden, zodat ik naar boven kan klimmen
laat ons samen de heks vermoorden, en maak me niet blind"

men kan hopen om een stem te vinden aan de andere kant,
woorden die in fuga samengebonden een lied worden
waaruit waarachtig waarheid en schoonheid spreekt

"laat je wapens vallen prins
er is nog veel wat ogen doet sluiten of juist
doet opengaan om via die kleine patrijspoort
een glimp op te vangen van wat ons
werkelijk weer tot mens gemaakt heeft:
adem aan adem,
neus bij neus,
mond tot mond."

hier is weelde oneindig.

maandag 19 mei 2008

Kampvuur

wij drinken ijsgekoeld vuur,
opdat onze schedels zich zouden kunnen legen
en dan weer volvullen met rijkdom.
iedereen ziet in de dansende vlam iemand anders,
of geëxalteerde vormen van gedachten
die bedelen om opgezogen te worden in dromen

de kristallen schijnen traag uit onze schedels
uit een mond ontsnapt een vlam
en we weten dat het niet het vuur is dat na al die uren overblijft,
maar de warme asse van afgekoelde verlangens.

maandag 14 april 2008

De architect

de bouwvakkers die aan dit huis werkten,
begrepen niets van bakstenen of dakgebintes,
maar hadden des te meer door dat het liefde was,
waar ze de fundamenten moesten leggen.

zo werd ik opgebouwd, met werkwoorden in de kolenkamer en de keuken,
en naamwoorden in de woonkamer,
inademend op het grasveld en terug uitademend in de badkamer,
en tenslotte komma's en punten tot in de ligamenten van het dak en de deurposten

wie meewerkte aan dit huis, begreep er niets van,
wie het gezellige haardvuur aanstak, had geen besef van tijd of uur,
maar het is in dit huis dat ik woon.
Het is hier dat uit elke steen mijn liefde spreekt.

zondag 30 maart 2008

Aartsengel

hij wacht aan tafel in schemerdronken schaduwen
om haar te verlossen uit mondwetendheid
zijn vleugels zijn afgedragen perkament, met de taal
en het gekribbel van velen op de pekzwarte veren
allen die hem aanzochten in wanhoop
en zijn ringen kwamen kussen in kathedralen

hij wacht aan tafel en rookt.
hij schemert bij het krullende dimlicht van voetstappen
en stemmen die zwemmen in de splinterplinten

zij schrijdt onvast op hem toe,
en schrijft haar verdriet krassend als een kraai
op de huid van zijn lelieblanke armen.

hij wacht op haar aan tafel.