Over 'Onklare taal'

'Onklare taal' is de verzamelnaam van diverse tekstprojecten van mijn hand. Dit is de poëzieafdeling daarvan. Hier kan je zowel de laatste nieuwe gedichten als ook een selectie van oudere gedichten vinden. Overigens kan je mijn poëziebundels downloaden in PDF-formaat als je Patron wordt: 'Epicentrum' (2012), 'Synaeresis' (2012), 'Subductie' (2013), 'Enceladus' (2015), 'Volterra' (2017), 'De snelheid van de duisternis' (2019), 'Indiscrete wiskunde' (2021) en 'Chicxulub' (2024). Behalve 'Synaeresis', dat één verhalend gedicht is in twee delen, bevatten de anderen telkens een 30-tal geredigeerde en zorgvuldig geselecteerde gedichten, met duiding en een nieuwe indeling. De weg een beetje kwijt? Mijn eigenlijke website, die ook 'Onklare taal' heet, verwelkomt je.

donderdag 7 juli 2016

Tot de Russen komen

ik droomde een nieuwe liefde
in een bezette stad, ze was
dertig en ze was grappig
straten waren opgebroken
nachtwinkels onze kerken
terwijl trucks met tanks
postvatten tegen nakende
aanvallen. we wandelden over
sporen en door het volk
en alles was chaos buiten
onszelf. op het einde was
ik haar kwijt en wist ik
zelfs haar naam niet meer.

woensdag 22 juni 2016

1969

Stenen spreken
niet meer, sterren
staan te ver
van de kosmodroom

Ooit was men nog
mooi en onwetend
Nu kent men de
prijs van alles

Het is de metastase
van de mens tot
ontwerper
verwerper van grenzen,
wichelaar van het haalbare

In de voorsteden
rijzen rijen hagen op
In de voorsteden
wordt men grijs geboren

donderdag 16 juni 2016

Berlinette

Regen op de Alexanderplatz
koffiehuizen dampen hun mensen uit
en buiten luwt het verkeer

De zomer is nog een verre vijf
dagen veraf, enkel waterverf
en wijn verwachten haar komst

Een meisje danst op haar balkon
op Griekse muziek en ik, ik
vraag me af wat mij nog toekomt

zaterdag 11 juni 2016

In het binnenste heiligdom

wij waren van de laatste generatie
die nog hoorde van Golgotha
en God
die het gordijn scheurde van
zijn synagoge
toen zijn Zoon gebroken werd

ik dacht aan dat verhaal
toen ik als tienjarige
kroop achter het doek
om de dopjes te schroeven
van de bakken frisdrank
om een wedstrijd te winnen

God vervloekte me niet,
en ik won de wedstrijd niet
De jeugd van tegenwoordig
heeft geen notie
van wat gelijkspel betekent.

donderdag 2 juni 2016

Beenwit

een mens is een persoon
een mensenmassa is
slechts bleke gelatine

het lied van de hoogoven
buldert boven alles uit
en dwingt ten dans

zwarte sneeuw valt omhoog
en sissende huid knispert
het afval ligt behangen
over de planten en struiken

dinsdag 24 mei 2016

Apartheid

God is weer verrezen in vreselijke metaforen
als de marktconforme man

zijn spookbeeld is het merkteken in het glas
de filters in foto's
en citaten van celebrities

Zelfverklaarde grimmigaards
maken zich daar graag vrolijk in
maar ik heb er de pest in -
Het min of meer, het ongeveer,
het eisen van het exacte waar dat niet kan

Weet: dit is een kleine God,
blij met zelfingenomen middelmatigheid
theatraal schreeuwend naar de hemel
maar tot aan de enkels verzonken
in de stront.

maandag 9 mei 2016

Grote Mandrenke

(Dit is een vertaling van 'Grote Mandrenke', een gedicht dat ik schreef in juni 2015, met als inspiratiebron de vloedgolf van 1362 met die naam en de EP van de Duitse band Troum die er op gebaseerd is. Dank voor de vertaling aan Konstantin om de roestvlekken uit mijn Duits te poetsen!)

Ravenspurn

Es beginnt immer mit Regen
mit weder Anfang noch Start
In der Stille der Nacht,
wenn der blasse König träumt

Ein namenloses Ungeheuer
nähert sich aus der Ferne
aber das Unglück
bleibt nie weit entfernt

Kirchen brechen zusammen
Kuppeln stürzen ein

Dunwich

Im Hochwasser ist Haar
nur Alge
Häuser werden Treibholz
Häfen werden Schlamm

Der blasse König hat beschlossen
die Menschen aufzuwecken
Mann und Tier ertrinken
und Tinten fließen weg.

Wahnsinn entsteht
und färbt alles schwarz und blau und weiß

Südfall


Dies sind die Hassgezeiten
das Ende der Vernunft
Hier regiert die Wut
völlig losgelöst

Wörter werden Klänge
Schaum steht auf den Becken
Der Riesenkrake taucht hinauf
Ein Sediment von Teer
klebt an den Fingern und Füßen

Die anderen sind schutzlos
aus ihrem Bett gehoben
und in die Gräber gelegt
Ein Schaufenster zertrümmert
Radio Mille Collines ist an
King wiederbelebt den Tod
et in Gethsemane ego

Niedam

Ein Quantenereignis im Geist
als Kennzeichen des Grauens
Doch der blasse König lebt noch
auf Zellebene, drohend
mit den weißen Filamenten
das Vernichten des Trinkopfers
aufzuhalten

Die Alpträume nehmen Gestalten an
von böswilligem Fleisch

Rungholt

Meine Visionen vom Tod und Ich:
Ich wollte mich bestrafen
Geißel Gottes, Gesell
der ersten Stunde
Das hätte weder
haltbarer als Bronze sein
noch die Herrscher in Zweifel bringen müssen

Es hätte nur etwas mehr
sein dürfen als ich war:
mehr Stein
und weniger Hunger